ECLI:NL:RBDHA:2018:15835
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing gecombineerde vergunning verblijf en arbeid wegens pga-aanbod op arbeidsmarkt
Eiser, een Indiase nationaliteit bezittende vreemdeling, diende een aanvraag in voor een gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid (GVVA) met als doel arbeid in loondienst als magazijnmedewerker. Verweerder, de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, wees de aanvraag af op basis van een negatief advies van het UWV, dat concludeerde dat er voldoende prioriteitgenietend aanbod (pga) op de arbeidsmarkt aanwezig is voor de functie.
De rechtbank oordeelt dat verweerder deugdelijk heeft gemotiveerd dat het UWV-advies zorgvuldig tot stand is gekomen en inhoudelijk inzichtelijk en concludent is. Eiser heeft geen andersluidend deskundigenadvies overgelegd en zijn algemene verwijzingen naar tekorten op de logistieke arbeidsmarkt bieden geen concrete aanleiding tot twijfel aan het advies.
Verder is vastgesteld dat de vacature niet tijdig is gemeld bij het UWV en dat de werkgever onvoldoende inspanningen heeft verricht om de functie door pga te laten vervullen. De functie betreft ongeschoolde, lichtgeoefende arbeid waarvoor voldoende pga aanwezig is. Het beroep op schending van de hoorplicht faalt omdat geen redelijk vermoeden bestaat dat de bezwaren tot een ander besluit zouden leiden.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de GVVA-aanvraag wordt ongegrond verklaard.