ECLI:NL:RBDHA:2018:1476
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen niet-verlenging tijdelijke aanstelling ambtenaar
Eiser was sinds 18 maart 2015 tijdelijk aangesteld bij de gemeente Den Haag met een aanstelling die op 1 maart 2017 van rechtswege afliep. Het college besloot de tijdelijke aanstelling niet te verlengen, mede vanwege een kwaliteitsverbetering binnen de organisatie en een vergelijking van eisers functioneren met dat van andere medewerkers.
Eiser voerde aan dat zijn houding en gedrag waren verbeterd en dat het besluit om zijn aanstelling niet te verlengen onzorgvuldig was genomen, mede omdat zijn integriteitsmelding over een misstand in de sollicitatieprocedure de reden zou zijn voor het niet verlengen. De rechtbank oordeelde dat het bestuursorgaan niet verplicht is een tijdelijke aanstelling te verlengen en dat er geen aanwijzingen waren dat het besluit in strijd was met het geschreven of ongeschreven recht.
De rechtbank concludeerde dat het enkele feit dat een leidinggevende op de hoogte was van de integriteitsmelding onvoldoende is om te concluderen dat het besluit op die melding is gebaseerd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet verlengen van de tijdelijke aanstelling is ongegrond verklaard.