ECLI:NL:RBDHA:2017:7853
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verliesverrekeningsbeschikking bij navorderingsaanslag vennootschapsbelasting
Eiseres, een vastgoedonderneming en fiscale eenheidshoofd, kreeg een navorderingsaanslag vennootschapsbelasting (Vpb) 2010 opgelegd met een verliesverrekeningsbeschikking van €15.341.680. Eiseres betwistte de rechtmatigheid van deze verliesverrekeningsbeschikking en stelde dat deze niet wettelijk was toegestaan als herzieningsbeschikking.
De rechtbank oordeelde dat de verliesverrekeningsbeschikking is gebaseerd op artikel 21a van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969, dat het mogelijk maakt om verliesverrekening bij beschikking vast te stellen, ook na het opleggen van een navorderingsaanslag. De rechtbank volgde eerdere jurisprudentie en de Memorie van Toelichting, die de rechtszekerheid van de belastingplichtige als uitgangspunt nemen.
De rechtbank concludeerde dat de verliesverrekeningsbeschikking terecht is vastgesteld en dat het beroep ongegrond is. De navorderingsaanslag zelf was niet langer in geschil. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak bevestigt de mogelijkheid van verliesverrekening via een beschikking ook na het verstrijken van de termijn van de primitieve aanslag.
Uitkomst: De rechtbank handhaaft de verliesverrekeningsbeschikking van €15.341.680 en verklaart het beroep ongegrond.