ECLI:NL:RBDHA:2017:3972
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing uitstel van vertrek wegens medische noodsituatie minderjarige
Eiseres, een minderjarige van Armeense nationaliteit, verzocht om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege een chronische posttraumatische stressstoornis. Verweerder wees dit verzoek af op basis van adviezen van het Bureau Medische Advisering (BMA), die concludeerden dat geen medische noodsituatie op korte termijn te verwachten was bij het uitblijven van behandeling.
Eiseres betwistte de toepasbaarheid van de door het BMA gehanteerde criteria (suïcidaliteit, psychose, gedwongen opname) voor kinderen en verwees naar een brief van Stichting Centrum ’45 en een artikel in Medisch Contact, waarin werd gesteld dat deze criteria onvoldoende zijn voor minderjarigen en dat ook andere factoren zoals toxische stress en het vermogen van ouders om probleemgedrag op te vangen, moeten worden meegewogen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zich onvoldoende had vergewist van de juistheid en inzichtelijkheid van het BMA-advies, mede omdat het BMA niet adequaat op de kritiek van Stichting Centrum ’45 was ingegaan. Tevens was het BMA-advies gebaseerd op de meerderjarigheid van eiseres terwijl het besluit betrekking had op haar minderjarigheid. Verweerder had het bezwaar onterecht kennelijk ongegrond verklaard en had ten onrechte afgezien van het horen van eiseres.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat het belang was komen te vervallen. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierechten en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van uitstel van vertrek wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.