ECLI:NL:RBDHA:2017:13231
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige bekering en afvalligheid
Eiser, een Iraanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd vanwege zijn bekering tot het christendom en afvalligheid van de islam. Hij stelde dat hij vanwege zijn geloofsverandering en lidmaatschap van een huiskerk in Iran vervolging zou ondervinden. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat hij het relaas van eiser over zijn bekering, de inval in zijn woning en winkel, en zijn bezoeken aan de huiskerk niet geloofwaardig achtte.
De rechtbank onderzocht of de afvalligheid en bekering als afzonderlijke asielmotieven beoordeeld moesten worden. Uit de verklaringen bleek dat de afvalligheid en bekering samenvielen, zodat verweerder terecht beide elementen als één asielelement beoordeelde. Verder oordeelde de rechtbank dat verweerder de geloofwaardigheid van de bekering terecht in twijfel trok, mede omdat eiser zijn land op legale wijze verliet.
Eiser voerde aan dat nieuw beleid (WBV 2017/7) afvalligen als risicogroep aanmerkt, maar de rechtbank stelde vast dat dit beleid niet ziet op de geloofwaardigheidsbeoordeling. Omdat eiser geen aanvullende gronden aanvoerde tegen de afwijzing, verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees de asielaanvraag af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag als kennelijk ongegrond.