ECLI:NL:RBDHA:2016:8227
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging tot voorlopig verblijf wegens niet-authentieke kerkelijke huwelijksakte
Eiser, een Eritrese nationaliteit bezittende vreemdeling, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie waarin zijn aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis asiel is afgewezen. De afwijzing was gebaseerd op het oordeel dat de overgelegde kerkelijke huwelijksakte niet authentiek was, vastgesteld door Bureau Documenten.
De rechtbank heeft vastgesteld dat eiser en referente, die eveneens de Eritrese nationaliteit bezit en een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft, niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij daadwerkelijk gehuwd zijn. Eiser heeft aangevoerd dat de huwelijksakte wel authentiek is en dat verweerder zich moet vergewissen van de zorgvuldigheid van het onderzoek, maar heeft geen contra-expertise overgelegd.
De rechtbank oordeelt dat het deskundigenrapport van Bureau Documenten zorgvuldig en inzichtelijk is en dat verweerder zich daarop mocht baseren. Gezien de wettelijke bepalingen en jurisprudentie is de bewijslast voor het behoren tot het gezin bij de hoofdpersoon (referente) gelegd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard.