ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ5044
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot fiscale eenheid tussen Nederlandse en buitenlandse dochtermaatschappijen
Eiseres, een in Nederland gevestigde vennootschap en volle dochter van een Deense moedermaatschappij, verzocht samen met haar dochtermaatschappijen en buitenlandse zustermaatschappijen om te worden aangemerkt als fiscale eenheid. Verweerder wees dit verzoek af omdat eiseres niet voldoet aan de wettelijke eis dat de moedermaatschappij ten minste 95% van de aandelen in de dochtermaatschappij moet houden en beide in Nederland gevestigd moeten zijn.
De rechtbank overwoog dat de Nederlandse regeling geen fiscale eenheid toestaat tussen zustermaatschappijen zonder dat een moedermaatschappij deel uitmaakt van de fiscale eenheid. Dit is geen verboden discriminatie onder EU-recht omdat ook in interne situaties een fiscale eenheid tussen zustermaatschappijen niet mogelijk is. Het beroep op het Papillonarrest faalt omdat de casus wezenlijk verschilt van de onderhavige situatie.
Ook het beroep op non-discriminatiebepalingen in belastingverdragen met Denemarken en Zweden werd verworpen. De rechtbank concludeerde dat verweerder het verzoek terecht heeft afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot fiscale eenheid wordt ongegrond verklaard.