ECLI:NL:RBDHA:2013:14374
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking verblijfsvergunning wegens strijd met standstillbepaling Besluit 1/80
Eiser, een Turkse nationaliteit dragende vreemdeling, kreeg een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met de beperking verblijf bij echtgenote. Na feitelijke verbreking van het huwelijk per 20 oktober 2011 trok verweerder de vergunning met terugwerkende kracht in en wees de aanvraag tot wijziging van beperking en verlenging af.
Verweerder baseerde het intrekkingsbesluit op het feit dat eiser niet meer samenwoonde met zijn echtgenote en dat het huwelijk feitelijk was verbroken. Tevens stelde verweerder dat eiser niet voldeed aan de voorwaarden voor een zoekjaar of voortgezet verblijf en dat er geen sprake was van een nieuwe beperking in de zin van artikel 13 van Pro Besluit 1/80.
De rechtbank oordeelde dat het huwelijk inderdaad was verbroken en dat eiser niet aan de voorwaarden voor voortgezet verblijf onder een andere beperking voldeed. Echter, verweerder had onvoldoende onderzocht of eiser op grond van het beleid van vóór 1 april 2001, zoals vastgelegd in de Vreemdelingencirculaire 1982, in aanmerking kon komen voor voortgezet verblijf. Deze versoepeling van het beleid werd aangemerkt als een nieuwe beperking in de zin van artikel 13 Besluit Pro 1/80.
Daarom werden het intrekkingsbesluit en het afwijzingsbesluit vernietigd wegens strijd met de standstillbepaling en onvoldoende motivering. Verweerder werd opgedragen nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het intrekkingsbesluit en het afwijzingsbesluit worden vernietigd en verweerder wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen.