ECLI:NL:RBBRE:2012:BZ3555
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag parkeerbelasting terecht bij ophalen taart in winkel
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd omdat hij geen parkeergeld had betaald terwijl zijn auto op een betaalde parkeerplaats stond. De kern van het geschil was of het laten staan van de auto voor het ophalen van een taart in een winkel als parkeren of als laden en lossen moest worden beschouwd.
De rechtbank oordeelde dat het ophalen van een taart niet voldoet aan de definitie van onmiddellijk laden en lossen zoals bedoeld in de gemeentewet en de verordening. De taart was niet van zodanig gewicht of omvang dat vervoer per auto noodzakelijk was. Ook de korte duur van het parkeren maakte dit niet anders.
De heffingsambtenaar verklaarde dat de apparatuur voor het vaststellen van het tijdstip van parkeren geijkt was, wat de rechtbank geloofwaardig achtte. De naheffingsaanslag was niet te hoog vastgesteld. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt ongegrond verklaard.