ECLI:NL:RBBRE:2012:BY0418
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank bevestigt naheffingsaanslag omzetbelasting wegens carrouselfraude met tweedehands auto’s
Belanghebbende werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag omzetbelasting over de periode 1 januari 2003 tot en met 30 september 2004 wegens carrouselfraude met tweedehands auto’s. De inspecteur had de aftrek van voorbelasting geweigerd omdat de facturen van een tussenliggende onderneming frauduleus waren opgemaakt zonder dat er werkelijke transacties aan ten grondslag lagen.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende feitelijk de onderneming dreef, ondanks dat zijn zoon bij de Kamer van Koophandel als handelaar stond ingeschreven. Getuigenverklaringen en tapverslagen wezen uit dat de zoon slechts administratieve en telefonische ondersteuning bood, terwijl belanghebbende de ondernemer was die naar buiten trad.
De rechtbank oordeelde dat de naheffingsaanslag terecht op naam van belanghebbende was gesteld en dat de aftrek van voorbelasting terecht was geweigerd omdat de facturen frauduleus waren. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten of schadevergoeding toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag omzetbelasting bevestigd.