ECLI:NL:RBBRE:2012:BX4073
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waarde onroerende zaak bij bezwaar tegen WOZ-beschikking
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de WOZ-waarde en aanslag onroerende-zaakbelasting 2009 van een paardenstal met bijbehorend perceel, vastgesteld op €183.000 per 1 januari 2008. Belanghebbende kocht de onroerende zaak op 31 oktober 2007 voor €195.000 en stelde dat hij te veel had betaald omdat de paardenstal een verbouwde, slecht gebouwde varkensstal zou zijn.
De rechtbank overweegt dat volgens het arrest van de Hoge Raad van 29 november 2000 de betaalde koopprijs kort voor de waardepeildatum in principe de waarde in het economisch verkeer weerspiegelt, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat de koopsom te hoog is. Belanghebbende heeft dit niet aannemelijk gemaakt, noch dat hij ten tijde van de koop een onjuiste voorstelling had van de staat van het pand.
Verder wijst de rechtbank erop dat de WOZ-waarde per tijdvak opnieuw wordt vastgesteld op basis van feiten rond de waardepeildatum, waarbij eerdere waardes niet relevant zijn. Ook de verwijzing naar de economische recessie faalt omdat die waardedaling zich op de waardepeildatum nog niet voordeed.
Op grond hiervan verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €183.000 gehandhaafd.