ECLI:NL:RBBRE:2011:BU1746
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling deelnemingsvrijstelling en waardering projecten bij aandelenverkoop
Belanghebbende heeft in 2001 haar aandelen in een vennootschap verkocht, waarbij de rechten op projecten en studies aan haar toekwamen. In 2002 behaalde zij resultaat op een studie die zij als vrijgestelde deelnemingswinst opvoerde. De inspecteur legde een navorderingsaanslag op omdat dit resultaat volgens hem niet onder de deelnemingsvrijstelling viel.
De rechtbank stelt vast dat partijen bij de verkoop expliciet de waarde van alle projecten en studies op nihil hebben gesteld. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat de waarde hoger was dan overeengekomen. De rechtbank oordeelt dat de inspecteur terecht navordering toepaste op basis van een nieuw feit dat uit het boekenonderzoek naar voren kwam.
De rechtbank wijst het beroep af omdat de meerwaarde die belanghebbende claimt onvoldoende is onderbouwd en niet prevaleert boven de overeengekomen koopsom. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende is ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag is bevestigd.