ECLI:NL:RBBRE:2011:BR1317
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Kralingen
- Schotanus
- Peeters
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel in grote drugshandelzaak
De rechtbank Breda behandelde de ontnemingszaak tegen E.S., die eerder veroordeeld was tot 9 jaar gevangenisstraf voor deelname aan een criminele organisatie die zich bezighield met handel in verdovende middelen. Het openbaar ministerie vorderde een ontnemingsbedrag van ruim €5 miljoen, gebaseerd op een strafrechtelijk financieel onderzoek.
De rechtbank stelde vast dat het wederrechtelijk verkregen voordeel van E.S. kan worden geschat op €858.303, gebaseerd op diverse leveringen van XTC-pillen en amfetamine, waaronder transacties met een criminele organisatie en soortgelijke niet tenlastegelegde feiten. De berekening hield rekening met tapgesprekken, semafoonverkeer en infiltratieonderzoeken.
Hoewel de redelijke termijn voor de behandeling van de ontnemingszaak ruim is overschreden, oordeelde de rechtbank dat het belang van de maatschappij bij ontneming zwaarder woog dan het belang van de verdachte bij een snelle berechting. Daarom werd het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard. Wel werd het te ontnemen bedrag met 10% verminderd vanwege de overschrijding.
De verdediging voerde aan dat de verdachte niet draagkrachtig was om het bedrag te betalen, maar de rechtbank vond dat onvoldoende aannemelijk gemaakt. De rechtbank legde E.S. de verplichting op tot betaling van €772.473 aan de Nederlandse staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Uitkomst: E.S. is veroordeeld tot betaling van €772.473 aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.