ECLI:NL:RBBRE:2007:AZ8906
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vertrouwen op mededeling belastingdienst over vrijstelling BPM bij verkoop taxi
Belanghebbende, exploitant van een taxi- en touringcarbedrijf, kocht een taxi uit faillissement en kreeg teruggaaf BPM. Voor zekerheid over BPM bij verkoop vroeg hij telefonisch advies aan de belastingdienst. Na een eerste contact zonder antwoord, belde hij een BPM-specialist van een ander kantoor binnen dezelfde belastingdienstorganisatie. Deze medewerker gaf na intern overleg aan dat bij verkoop van een taxi die drie jaar als zodanig is gebruikt geen BPM verschuldigd is.
Op basis van deze mededeling verkocht belanghebbende de auto, waarna een naheffingsaanslag BPM werd opgelegd. De rechtbank stelt vast dat belanghebbende redelijkerwijs mocht vertrouwen op de mededeling van de medewerker, ondanks dat deze niet van het bevoegde kantoor was. De belastingdienst had zelf afgeweken van de gebruikelijke werkwijze door telefonisch een inhoudelijk antwoord te geven.
De rechtbank oordeelt dat het risico van miscommunicatie bij de belastingdienst blijft en dat de complexe BPM-regelingen het risico van fouten bij de belastingdienst moeten dragen. Daarom wordt de naheffingsaanslag vernietigd, het beroep gegrond verklaard en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt vernietigd omdat belanghebbende gerechtvaardigd mocht vertrouwen op de mededeling van de belastingdienst.