ECLI:NL:RBBRE:2006:AZ2973
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling overdrachtsbelasting bij fusie woningstichting en bejaardenwoningstichting
Belanghebbende, een woningstichting, is gefuseerd met een andere stichting die bejaardenwoningen exploiteert. De inspecteur legde een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op omdat volgens hem geen vrijstelling van toepassing was. Belanghebbende stelde dat op grond van een goedkeurende resolutie en het algemeen belang waarin beide stichtingen werkzaam zijn, geen overdrachtsbelasting verschuldigd is.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de wet geen vrijstelling bood, de fusie onder het beleid van de staatssecretaris valt dat een tegemoetkoming verleent aan instellingen die in het algemeen belang werkzaam zijn. De rechtbank stelde vast dat zowel belanghebbende als de verdwijnende stichting in het algemeen belang werkzaam zijn, waarbij de exploitatie van bejaardenwoningen als zodanig werd erkend.
De rechtbank concludeerde dat belanghebbende erop mocht vertrouwen dat geen overdrachtsbelasting zou worden geheven en verklaarde het beroep gegrond. De naheffingsaanslag werd vernietigd en de inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wordt vernietigd omdat beide stichtingen in het algemeen belang werkzaam zijn en geen overdrachtsbelasting verschuldigd is.