ECLI:NL:RBBRE:2006:AY7442
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Janssen
- Breeman
- De Bruijn
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak voor kansloze verblijfsaanvragen, veroordeling voor mensensmokkel met valse voorwendselen
De rechtbank Breda behandelde een zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van mensensmokkel en aanverwante feiten. De kern van de zaak betrof het helpen van vreemdelingen bij het aanvragen van verblijfsvergunningen zonder geldige machtiging tot voorlopig verblijf (MVV). De officier van justitie stelde dat deze aanvragen kansloos en onder valse voorwendselen waren ingediend, wat zou leiden tot wederrechtelijk verblijf.
De rechtbank oordeelde dat kansloze aanvragen op zich niet leiden tot wederrechtelijk verblijf, omdat de wet dit toestaat. Wel is sprake van wederrechtelijk verblijf indien aanvragen onder valse voorwendselen worden ingediend, bijvoorbeeld als vreemdelingen geen intentie hadden in Nederland te verblijven maar slechts een tijdelijke sticker wilden verkrijgen om illegaal verblijf elders te vergemakkelijken. Voor het merendeel van de vreemdelingen kon dit echter niet worden bewezen.
Uitzondering vormde één vreemdeling waarvoor voldoende bewijs was dat de aanvraag onder valse voorwendselen was ingediend. Verdachte en medeverdachte wisten hiervan en hielpen deze vreemdeling verblijf te verkrijgen terwijl zij wisten dat het verblijf wederrechtelijk was. Verdachte werd daarom veroordeeld voor mensensmokkel met een gevangenisstraf van één maand. Voor de overige tenlastegelegde feiten werd verdachte vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot één maand gevangenisstraf voor mensensmokkel, vrijspraak voor overige feiten.