ECLI:NL:RBARN:2012:BW3582
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen vrijstelling verontreinigingsheffing voor afvalwaterlozingen via vuilwaterriool
Eiseres, een producent van krantenpapier, kreeg voorlopige aanslagen verontreinigingsheffing opgelegd voor de jaren 2010 en 2011 vanwege lozingen van afvalwater op de Nederrijn. Zij voerde aan dat zij recht had op vrijstelling op grond van artikel 7.8 van de Waterwet, vergelijkbaar met de vrijstelling die geldt voor lozingen via riooloverstorten.
De rechtbank beoordeelde de wetsgeschiedenis en beleidsstukken en concludeerde dat de vrijstelling in de Waterwet specifiek bedoeld is voor lozingen via openbaar vuilwaterriool van stedelijk afvalwater, met name riooloverstorten. Eiseres loost bedrijfsafvalwater en is niet vergelijkbaar met gemeenten die riooloverstorten beheren. De rechtbank stelde dat het gelijkheidsbeginsel niet van toepassing is omdat er geen gelijke gevallen zijn.
Verder werd benadrukt dat de verontreinigingsheffing het principe 'de vervuiler betaalt' weerspiegelt en een prikkel vormt om vervuiling te verminderen. Riooloverstorten zijn vanwege doelmatigheidsredenen vrijgesteld omdat het beperken van overstorten kostbaar en technisch complex is, en de waterverontreiniging door overstorten gering is.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees op het risico van precedentwerking indien vrijstellingen te ruim worden toegepast. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige belastingkamer van de rechtbank Arnhem op 19 april 2012.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de voorlopige aanslagen verontreinigingsheffing wordt ongegrond verklaard.