ECLI:NL:RBARN:2011:BQ7084

Rechtbank Arnhem

Datum uitspraak
25 mei 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
193530
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Geschil over eigendom en waarde van apparatuur tussen Stichting Heumense Kabelkrant en Stichting Lokale Omroep Heumen

De Stichting Heumense Kabelkrant (SHK) en Stichting Lokale Omroep Heumen (SLOH) zijn verwikkeld in een civiel geschil over de eigendom van apparatuur die zich in de studio van SLOH bevindt. SHK stelt dat alle apparatuur eigendom is van haar, ongeacht op wiens naam de aankoopnota staat. SLOH betwist dit en erkent slechts eigendom van de zaken vermeld in een taxatierapport.

SHK heeft na een tussenvonnis nieuwe verweren en bewijsstukken ingebracht, waaronder facturen en betaalbewijzen, om haar vordering te onderbouwen. SLOH heeft hierop gereageerd met een vergelijking van investeringen volgens jaarstukken en een specificatie van verzekerde objecten, waaruit blijkt dat de waarde volgens haar substantieel lager is dan door SHK wordt opgegeven.

De rechtbank handhaaft haar eerdere overwegingen en stelt dat SHK haar vordering nader moet toelichten. Omdat SLOH niet eerder op de nieuwe stukken kon reageren, wordt de zaak aangehouden en op een nieuwe rol geplaatst voor verdere behandeling. De rechtbank zal daarna opnieuw vonnis bepalen.

Uitkomst: De zaak wordt aangehouden voor nadere toelichting en reactie op nieuwe stukken, waarna opnieuw vonnis zal worden bepaald.

Uitspraak

Vonnis
RECHTBANK ARNHEM
Sector civiel recht
zaaknummer / rolnummer: 193530 / HA ZA 09-2222
Vonnis van 25 mei 2011
in de zaak van
de stichting
STICHTING HEUMENSE KABELKRANT,
gevestigd te Malden, gemeente Heumen,
eiseres,
advocaat mr. A.G.W. Leysen te Nijmegen,
tegen
de stichting
STICHTING LOKALE OMROEP HEUMEN,
gevestigd te Malden, gemeente Heumen,
gedaagde,
advocaat mr. drs. L. aan den Toorn,
procesadvocaat mr. W.J.M. Gitmans, beiden te Nijmegen.
Partijen zullen hierna SHK en SLOH genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 10 november 2010
- de conclusie na tussenvonnis van SHK
- de antwoordakte van SLOH.
1.2. Ten slotte is opnieuw vonnis bepaald.
2. De verdere beoordeling
2.1. De rechtbank handhaaft hetgeen zij heeft overwogen en beslist in het tussenvonnis van 10 november 2010. In dat vonnis is de SHK in de gelegenheid gesteld haar vordering nader toe te lichten zoals in dat vonnis is overwogen in rovv. 2.5 en 2.6. In rov. 2.5 is overwogen dat het op de weg van de SHK ligt haar pretentie van eigendom van alle zaken op het door haar bij akte na comparitie in het geding gebrachte overzicht nader toe te lichten en in rov. 2.6 zijn aanwijzingen gegeven voor de vorm waarin de rechtbank deze toelichting wenst te krijgen.
2.2. De SHK heeft vervolgens bij conclusie na tussenvonnis een lijst als in het tussenvonnis bedoeld in het geding gebracht, alsmede facturen en betaalbewijzen.
2.3. De SHK heeft tevens onder overlegging van producties betoogd dat tussen de partijen steeds in confesso is geweest dat alle apparatuur die zich in de studio van de SLOH bevond eigendom was van de SHK, ongeacht of de aankoopnota op naam stond van de SHK of van [betrokkene] privé of van Koel-Combi B.V.. Dat neemt niet weg dat de SLOH in deze procedure heeft betwist dat dit het geval is, zodat dit verweer de SHK niet kan baten.
2.4. De SLOH heeft bij antwoordakte niet zozeer betwist dat de SHK alle door haar opgevoerde zaken heeft aangeschaft, maar wel dat zij deze aan haar ter beschikking heeft gesteld. Alleen van de zaken die zijn vermeld in het taxatierapport van de Elberg Groep erkent de SLOH dat deze aan haar ter beschikking zijn gesteld. Ter onderbouwing van dit standpunt heeft de SLOH de door de SHK geclaimde investeringen in de goederen ten behoeve van de SLOH vergeleken met de officiële jaarstukken van de SHK. Zij heeft de stukken waarop zij zich in dat verband beroept als producties in het geding gebracht. Volgens de SLOH is het totaal van de bedragen die de SHK in de jaren 2001 tot en met 2005 volgens deze stukken heeft geïnvesteerd in goederen ten behoeve van de SLOH € 72.612,90, derhalve substantieel minder dan thans door de SHK wordt gevorderd, ook na aftrek van BTW. Voorts heeft de SLOH als productie een ‘Specificatie van verzekerde objecten t.n.v. St. Lokale Omroep Heumen te Malden e/o’ van 7 juni 2007 in het geding gebracht, waarin een bedrag van € 10.000,- is opgenomen als waarde van de ‘bedrijfsuitrusting/inventaris’, derhalve eveneens substantieel minder dan thans door de SHK wordt gevorderd. Zij heeft daarbij betoogd dat het ongeloofwaardig is dat deze zaken eigenlijk een waarde hebben die tien keer zo hoog is als de verzekerde waarde. De SLOH heeft niet meer kunnen reageren op deze nieuwe verweren, die zijn gebaseerd op stukken die niet eerder in het geding zijn gebracht. Zij zal in de gelegenheid worden gesteld dat bij akte te doen. De zaak zal daarvoor worden verwezen naar de rol. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
3. De beslissing
De rechtbank
3.1. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 8 juni 2011 voor het nemen van een akte door SHK over hetgeen is vermeld onder 2.4, waarna opnieuw vonnis zal worden bepaald,
3.2. houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.J.B. Boonekamp en in het openbaar uitgesproken op 25 mei 2011.
coll.: CLB