ECLI:NL:RBARN:2011:BP7534
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurder aansprakelijk voor onbetaald loon en vakantiegeld na ontbinding vennootschap
Eiser was werknemer bij een uitzendbureau dat werd geëxploiteerd door NLC B.V., waarvan gedaagde de bestuurder en enig aandeelhouder was. Na beëindiging van de arbeidsovereenkomst ontstonden loonvorderingen die door de kantonrechter tegen NLC werden toegewezen. NLC was echter ontbonden en vereffend, waardoor betaling uitbleef.
Eiser vorderde vervolgens de persoonlijke aansprakelijkheid van gedaagde als bestuurder voor de onbetaalde bedragen. Gedaagde voerde aan dat er geen betalingsonwil was en dat hij de vennootschap rechtmatig had ontbonden vanwege het ontbreken van baten. Ook stelde hij dat hij niet de schijn van kredietwaardigheid had gewekt.
De rechtbank oordeelde dat de bestuurder op het moment van het aangaan van de verbintenis wist of redelijkerwijs behoorde te weten dat de vennootschap haar verplichtingen niet zou kunnen nakomen. Dit leidde tot persoonlijke aansprakelijkheid wegens het opwekken van de schijn van kredietwaardigheid. De vordering wegens betalingsonwil werd afgewezen omdat onvoldoende bewijs was dat gedaagde betaling had gefrustreerd.
De rechtbank veroordeelde gedaagde tot betaling van het openstaande loon en vakantiegeld over de periode na 1 januari 2005, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten, en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De bestuurder wordt persoonlijk aansprakelijk gesteld voor onbetaald loon en vakantiegeld na ontbinding van de vennootschap wegens het opwekken van de schijn van kredietwaardigheid.