ECLI:NL:RBARN:2007:BA3644
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.N. Crol
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit arbeidsongeschiktheidsherziening wegens schending motiveringsvereiste
De eiser maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV waarin zijn WAO-uitkering werd herzien van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35-45% naar 25-35%. Hij betoogde onder meer dat het Schattingsbesluit 2004 onverenigbaar zou zijn met het EVRM en discriminatoir zou zijn vanwege leeftijd en geslacht. De rechtbank verwierp deze bezwaren en verwees naar eerdere jurisprudentie die het onderscheid naar leeftijd rechtvaardigt.
De beoordeling van de arbeidsongeschiktheid was gebaseerd op medische rapporten en het Claim Beoordelings- en Borgingssysteem (CBBS). De eiser voerde aan dat dit systeem ondeugdelijk is, maar de rechtbank volgde de Centrale Raad van Beroep die het aangepaste CBBS als voldoende betrouwbaar beschouwt. Ook de motivering van de arbeidsdeskundige voor de functieduiding werd als toereikend beoordeeld.
Wel oordeelde de rechtbank dat het UWV het motiveringsvereiste van artikel 7:12 Awb Pro heeft geschonden doordat de nadere arbeidskundige toelichting pas na het instellen van beroep is gegeven. Hierdoor werd het bestreden besluit vernietigd. De rechtbank liet echter de rechtsgevolgen van het besluit in stand op grond van artikel 8:72 Awb Pro en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten van €644 en het griffierecht van €38 aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot herziening van de WAO-uitkering wordt vernietigd wegens strijd met het motiveringsvereiste, met in stand laten van de rechtsgevolgen.