ECLI:NL:RBARN:2004:AR8842
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag vordering schadevergoeding op verzekeraar wegens verjaring WAM
Op 24 april 1996 vond een verkeersongeval plaats waarbij eiser als passagier gewond raakte in een door betrokkene 1 bestuurde auto, verzekerd bij Bovemij. Eiser stelde eerst Interzend aansprakelijk, die op grond van werkgeversaansprakelijkheid werd veroordeeld tot schadevergoeding.
Eiser richtte zich vervolgens rechtstreeks tot Bovemij als verzekeraar op grond van de WAM. Bovemij verweerde zich met een beroep op verjaring van de vordering volgens art. 10 lid 1 WAM Pro, die een termijn van drie jaar hanteert.
De rechtbank oordeelt dat de verjaringstermijn is begonnen op 25 april 1996 en niet is gestuit door onderhandelingen of andere handelingen. De vordering tegen Bovemij is derhalve verjaard op 21 december 2001, ruim vóór de dagvaarding van 27 augustus 2002. De vordering wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vordering tegen Bovemij wordt afgewezen wegens verjaring.