ECLI:NL:RBARN:2004:AO5406
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling omvang schadevergoeding na verkeersongeval met blijvend letsel en arbeidsongeschiktheid
Eiser was bestuurder bij een verkeersongeval op 7 november 1990, veroorzaakt door een derde verzekerde bij Bovemij. Hij liep ernstig letsel op aan onder meer zijn linker schouder, rechter voet en aangezicht, met blijvende beperkingen en arbeidsongeschiktheid. Bovemij erkende aansprakelijkheid, maar de omvang van de schadevergoeding bleef betwist.
Medische rapporten van orthopedisch chirurg B en revalidatiearts D bevestigen dat de restverschijnselen volledig aan het ongeval zijn toe te rekenen. Bovemij stelde dat pre-existente klachten en predisposities deels oorzaak waren van de beperkingen, maar dit werd niet aannemelijk geacht. De rechtbank verwierp het verzoek tot nieuw medisch onderzoek.
Een belangrijk geschilpunt was de vraag of eiser nog restcapaciteit tot arbeid had en in hoeverre hij gehouden was die in te zetten. De rechtbank beval een arbeidsdeskundig onderzoek en bepaalde dat eventuele restcapaciteit pas vanaf oktober 1999 in aanmerking wordt genomen, gezien de eerdere volledige WAO-arbeidsongeschiktheid.
De zaak werd aangehouden voor nadere uitlatingen over de benoeming van een arbeidsdeskundige en de te stellen vragen. Hoger beroep is pas mogelijk tegen het eindvonnis.
Uitkomst: De zaak is aangehouden voor nader arbeidsdeskundig onderzoek en verdere uitlatingen over restcapaciteit.