ECLI:NL:RBARN:1999:AA1006
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot rectificatie beschuldiging verraad in historisch boek over Putten
De eisers vorderden dat de gedaagde, historica verbonden aan het NIOD, een passage in haar boek over de razzia in Putten zou aanpassen waarin hun vader als verrader werd aangeduid. De vader van eisers was tijdens de Tweede Wereldoorlog geïnterneerd wegens verdenking van verraad, maar later buiten vervolging gesteld. De eisers stelden dat deze kwalificatie hun eer en goede naam aantastte en onjuist was.
De rechtbank oordeelde dat het belang van de eisers om gevrijwaard te blijven van aantasting van hun eer en goede naam moet worden afgewogen tegen het maatschappelijke belang van openbaarmaking van historische feiten. Uit het onderzoek bleek dat de buitenvervolgingstelling niet onomstotelijk de onschuld van de vader van eisers bevestigde en dat de gedaagde op basis van diverse verklaringen de term 'verrader' op goede gronden gebruikte.
Hoewel de passage pijnlijk is voor de eisers, is het niet onrechtmatig dat de gedaagde deze beschuldiging handhaaft. De rechtbank wees de vordering tot rectificatie af en veroordeelde de eisers in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot rectificatie af en veroordeelt eisers in de proceskosten.