Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf
9.Ten aanzien van de benadeelde partijen
le schade
€ 2.609,42. Uitgangspunt voor toewijzing van wettelijke rente is het moment van ontstaan van de schade. Uit de vordering volgt, met uitzondering van de kosten voor de slaapmedicatie, niet ondubbelzinnig wanneer de diverse posten voor materiële schade daadwerkelijk zijn ontstaan. De benadeelde partij heeft hier verder niets over gesteld. Daarom zal de rechtbank bepalen dat € 23,01 wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 oktober 2025 (zijnde de datum van aanschaf van de medicatie) en de overige materiële schade ter hoogte van € 2.586,41 zal worden vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 maart 2026 (zijnde de datum van indiening van de vordering).
€4.896,44. Uitgangspunt voor toewijzing van wettelijke rente is het moment van ontstaan van de schade. Uit de vordering volgt, met uitzondering van de kosten voor slaapmedicatie, niet ondubbelzinnig wanneer de schade daadwerkelijk is ontstaan en de benadeelde partij heeft daar zelf verder ook niets over gesteld. Daarom zal de rechtbank bepalen dat € 23,44 wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 november 2025 (zijnde de datum van aanschaf van de medicatie) en de overige materiële schade ter hoogte van € 4.873,- zal worden vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 maart 2026 (zijnde de datum van indiening van de vordering).
€ 406,12toegewezen.
€ 4.500,-.Dit bedrag wordt toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment van het ontstaan van de schade, te weten 7 oktober 2025.
€ 7.109,42(€ 2.609,42. + € 4.500,-), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 25 oktober 2025 voor € 23,01 en vanaf 31 maart 2026 voor € 2.586,41.
€ 4.500,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het ontstaan van de schade, te weten 7 oktober 2025.
€ 9.396,44(€ 4.896,44 + €4.500,-), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 20 november 2025 voor € 23,44 en vanaf 31 maart 2026 voor € 4.873,-.
€4.906,12(€ 406,12 + €4.500,-), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 10 november 2025 voor € 21,12 en vanaf 31 maart 2026 voor € 385,-.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte] ,daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
18 maanden.
groot 6 maanden, van deze gevangenisstraf niet ten uitvoer gelegd zal worden, tenzij later anders wordt bevolen.
proeftijd van 3 jarenvast.
Meldplicht bij reclassering
Opname in een zorginstelling
Ambulante behandeling
Verblijf in begeleid wonen of maatschappelijke opvang
Meewerken aan middelencontrole
[benadeelde partij 1]toe tot een bedrag van
€ 2.609,42(
tweeduizend zeshonderdnegen euro en tweeënveertig eurocent) aan vergoeding van materiële schade en
€ 4.500,- (vierduizend vijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 25 oktober 2025 voor € 23,01 en vanaf 31 maart 2026 voor € 2.586,41 tot aan de dag van de algehele voldoening.
[benadeelde partij 1]voornoemd.
nihil.
[benadeelde partij 1]aan de Staat
€ 7.109,42(
zevenduizend honderdnegen euro en tweeënveertig eurocent) te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 25 oktober 2025 voor € 23,01 en vanaf 31 maart 2026 voor € 2.586,41 tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
60 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
[benadeelde partij 2]toe tot een bedrag van
€ 4.500,- (vierduizend vijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (7 oktober 2025) tot aan de dag van de algehele voldoening.
[benadeelde partij 2]voornoemd.
nihil.
[benadeelde partij 2]aan de Staat
€ 4.500,- (vierduizend vijfhonderd euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (7 oktober 2025) tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
45 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
[benadeelde partij 3]toe tot een bedrag van
€4.896,44(
vierduizend achthonderd zesennegentig euro en vierenveertig eurocent) aan vergoeding van materiële schade en
€ 4.500,- (vierduizend vijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 20 november 2025 voor € 23,44 en vanaf 31 maart 2026 voor € 4.873,- tot aan de dag van de algehele voldoening.
[benadeelde partij 3]voornoemd.
nihil.
[benadeelde partij 3]aan de Staat
€ 9.396,44 (negenduizend driehonderd zesennegentig euro en vierenveertig eurocent) te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 20 november 2025 voor € 23,44 en vanaf 31 maart 2026 voor € 4.873,- tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
71 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
[benadeelde partij 4]toe tot een bedrag van
€ 406,12(
vierhonderd zes euro en twaalf eurocent) aan vergoeding van materiële schade en
€ 4.500,- (vierduizend vijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 10 november 2025 voor € 21,12 en vanaf 31 maart 2026 voor € 385,- tot aan de dag van de algehele voldoening.
[benadeelde partij 4]voornoemd.
nihil.
[benadeelde partij 4]aan de Staat
€4.906,12 (vierduizend negenhonderd zes euro en twaalf eurocent)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 7 oktober 2025 voor € 4.500,-, vanaf 10 november 2025 voor € 21,12 en vanaf 31 maart 2026 voor € 385 tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
49 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.