Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the Circuit Court in Poznań, Polen (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
decision of 2 March 2022 of the District Court in Wągrowiec (Case No. II Ko 1730/21) ordering the substitutive custodial sentence of 212 days to replace the penalty of the restriction of liberty of 425 days handed down in the judgment of 15 October 2020 of the District Court in Chodzież (Case No. II K 509/19).
the District Court in Wągrowiecvan 2 maart 2022.
the District Court in Wągrowiecvan 2 maart 2022. De opgeëiste persoon is buiten zijn schuld om zijn baan kwijtgeraakt, waardoor hij niet meer kon voldoen aan de verplichting om een deel van zijn inkomen af te dragen en daarmee de aan hem opgelegde bijzondere voorwaarden heeft overtreden. Omdat de opgeëiste persoon zijn baan buiten zijn schuld om is verloren, heeft de rechter beoordelingsvrijheid gehad ten aanzien van de omzettingsbeslissing. Het gaat dus niet om een kale omzetting.
the District Court in Chodzieżvan 15 oktober 2020. De weigeringsgrond van artikel 12 OLW Pro doet zich dan niet voor. De omzettingsbeslissing van
the District Court in Wągrowiecvan 2 maart 2022 valt niet onder de reikwijdte van artikel 12 OLW Pro. [4] Uit de aanvullende informatie van 22 april 2026 blijkt dat de Poolse rechter geen beoordelingsvrijheid heeft ten aanzien van de omzettingsbeslissing zelf. Over de beoordelingsvrijheid ten aanzien van de duur van de vrijheidsstraf hebben de Poolse autoriteiten geen aanvullende informatie verstrekt. Uit een uitspraak van deze rechtbank van 31 maart 2026 [5] blijkt echter dat op grond van artikel 65 § 1 van de
Executive Penal Codetwee dagen vrijheidsbeperkende straf gelijkstaat aan één dag vervangende hechtenis en dat de Poolse rechter verplicht is dit zo om te zetten. Dit volgt ook uit het EAB. De aanvullende informatie van 22 april 2026 vermeldt dat de opgeëiste persoon een vrijheidsbeperkende straf voor de duur van één jaar en zes maanden opgelegd heeft gekregen. Dat komt neer op 545 dagen. Uit de aanvullende informatie blijkt verder dat de opgeëiste persoon vier maanden van de vrijheidsbeperkende straf heeft voldaan. Dat staat gelijk aan 120 dagen. 545 min 120 komt uit op 425 dagen, wat ook in het EAB staat. Volgens de hiervoor genoemde omzettingsregel dat twee dagen vrijheidsbeperkende straf gelijkstaat aan één dag vervangende hechtenis, moeten de 425 dagen worden gedeeld door twee en dat komt neer op 212,5 dagen vervangende hechtenis. Dit wordt afgerond naar beneden en heeft ertoe geleid dat 212 dagen vervangende hechtenis is opgelegd. De Poolse rechter heeft daarbij dus geen beoordelingsruimte.
the District Court in Chodzieżvan 15 oktober 2020 (met kenmerk II K 509/19) een straf van één jaar en zes maanden
restricted libertyis opgelegd in de vorm van een werkstraf van 30 uur per maand. Op verzoek van de opgeëiste persoon is de werkstraf bij beslissing van
the District Court in Wągrowiecvan 28 januari 2021 (met kenmerk II Ko 124/21) gewijzigd in een afdracht van 15% van zijn maandelijkse inkomen. De aanvullende informatie vermeldt verder dat de opgeëiste persoon vier maanden van de vrijheidsbeperkende straf heeft uitgezeten. Omdat de opgeëiste persoon zijn arbeidscontract heeft opgezegd zonder toestemming van de rechtbank, is bij beslissing van
the District Court in Wągrowiecvan
Abbottly) dat van een beslissing inzake de tenuitvoerlegging of toepassing van een eerder uitgesproken vrijheidsstraf in ieder geval geen sprake is indien - kort gezegd - aan de betrokkene, ter vervanging van een vrijheidsbeperkende straf, een vrijheidsbenemende straf wordt opgelegd waartoe hij nog niet eerder, ook niet in voorwaardelijke zin, was veroordeeld en waarbij de rechter heeft beschikt over beoordelingsruimte. [7] Het gaat dan om beoordelingsruimte bij de omzetting van de vrijheidsbeperkende straf in een vrijheidsbenemende straf en/of om beoordelingsruimte bij het bepalen van de duur van de vrijheidsbenemende straf.
the District Court in Wągrowiec, 2nd Criminal Divisionvan 22 april 2026 volgt dat de vrijheidsbenemende straf van 212 dagen geen deel uitmaakte van de oorspronkelijke veroordeling in het vonnis van
the District Court in Chodzieżvan 15 oktober 2020. Verder blijkt uit de aanvullende informatie dat “
The court found that [opgeëiste persoon] had evaded serving the sentence imposed" en dat “
the court must order the enforcement of a substitute custodial sentence if it considers that the convicted person is evading serving it”. Hieruit volgt dat de Poolse rechter geen beoordelingsruimte had bij de omzetting van de vrijheidsbeperkende straf in een vrijheidsbenemende straf. De rechtbank kan echter niet vaststellen dat de Poolse rechter geen beoordelingsruimte heeft gehad bij het bepalen van de duur van de vrijheidsbenemende straf.
Kunt u aangeven of bij de omzetting van de vrijheidsbeperkende straf van 425 dagen in een vrijheidsbenemende straf van 212 dagen in deze zaak gebruik is gemaakt van de (wettelijk verplichte) omzettingssleutel dat twee dagen vrijheidsbeperkende straf gelijkstaat aan één dag vervangende hechtenis (en er derhalve geen beoordelingsruimte voor de Poolse rechter was ten aanzien van de duur van de vrijheidsbenemende straf)?
Kunt u daarnaast aangeven of bij de omzetting van een vrijheidsbeperkende straf in een vrijheidsbenemende straf in zijn algemeenheid op grond van artikel 65 § 1 van deExecutive Penal Code
de omzettingssleutelmoetworden toegepast dat twee dagen vrijheidsbeperkende straf gelijkstaat aan één dag vervangende hechtenis?
4.Strafbaarheid; feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist
5.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 6a OLW
6.Artikel 11 OLW Pro: artikel 47 van Pro het Handvest van de grondrechten van de EU
7.Beslissing
28 mei 2026, opnieuw op zitting wordt aangebracht.