Verzoeker heeft een verzoek om voorlopige voorziening ingetrokken nadat verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, de begunstigingstermijn inzake een last onder dwangsom heeft verlengd. De voorzieningenrechter beoordeelt het verzoek om proceskostenveroordeling dat verzoeker vervolgens indiende.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het bestuursorgaan met de verlenging van de begunstigingstermijn is tegemoetgekomen aan het verzoek van verzoeker. Dit betekent dat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk heeft voldaan aan het doel van de voorlopige voorziening, namelijk het voorkomen van onevenredig nadeel tijdens de bezwaarprocedure.
Omdat geen bijzondere omstandigheden zijn aangevoerd die een uitzondering rechtvaardigen, wijst de voorzieningenrechter het verzoek om proceskostenveroordeling toe. De proceskosten worden vastgesteld op € 907,-, gebaseerd op één proceshandeling door de gemachtigde van verzoeker. Het griffierecht van € 194,- wordt teruggestort. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de rechtsbijstandverlener.