ECLI:NL:RBAMS:2025:4087
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- C. M. Mellema
- Rechtspraak.nl
Toepassing Marokkaans recht op huwelijksvermogensregime bij echtscheiding met afwijzing onaanvaardbaarheidsexceptie
De rechtbank Amsterdam heeft op 17 juni 2025 de echtscheiding uitgesproken tussen partijen die in 1991 in Marokko zijn gehuwd. De Nederlandse rechter heeft rechtsmacht en past Nederlands recht toe op het verzoek tot echtscheiding, waarbij is vastgesteld dat het huwelijk duurzaam is ontwricht.
Ten aanzien van het huwelijksvermogensregime is het Marokkaanse recht van toepassing, conform het Chelouche/Van Leer-arrest, omdat partijen bij huwelijk enkel de Marokkaanse nationaliteit hadden en geen rechtskeuze is gemaakt. De vrouw deed een beroep op de onaanvaardbaarheidsexceptie en de Zimbabwe-exceptie om Nederlands recht te laten gelden, maar deze beroepen zijn door de rechtbank afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en het ontbreken van aanwijzingen dat Marokkaans recht onaanvaardbaar is.
De vrouw vroeg ook het huurrecht van de woning toe te wijzen, wat werd toegewezen aan de vrouw vanwege haar en de meerderjarige kinderen hun woonplaats. De auto van de man blijft zijn eigendom. Het verzoek van de vrouw om het contante spaargeld van €5.000 toe te wijzen werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de behandeling van dit verzoek tot onnodige vertraging zou leiden en nadere bewijsvoering vereist is.
De rechtbank verklaarde de beslissingen uitvoerbaar bij voorraad en wees het meer of anders verzochte af. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden.
Uitkomst: Echtscheiding uitgesproken, Marokkaans recht van toepassing op huwelijksvermogensregime, verzoek spaargeld niet-ontvankelijk.