Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht.
3.Inleiding
4.Ontvankelijkheid van de officier van justitie
5.Waardering van het bewijs
bijlage II, van de volgende feiten en omstandigheden uit.
wederrechtelijkverblijf in Nederland. Alleen dan kan gesproken worden van mensensmokkel als bedoeld in artikel 197a Sr.
wederrechtelijkverblijf. De cursisten verbleven ten tijde van de inburgeringsprocedure immers rechtmatig in Nederland op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd. Indien hun aanvraag voor een vergunning voor onbepaalde tijd zou worden afgewezen, hadden zij alsnog rechtmatig verblijf op grond van voornoemde titel of op grond van een andere titel, bijvoorbeeld het recht op verblijf vanwege asiel of op grond van gezinshereniging. Het is bovendien niet zo dat bij het niet tijdig voldoen aan de inburgeringseisen een verblijfsvergunning automatisch wordt afgewezen of vernietigd. Er kunnen ook boetes worden opgelegd.
De voorgestelde delictsomschrijving bevat een objectief bestanddeel, waarin de wederrechtelijkheid van de toegangsverschaffing of het verblijf tot uitdrukking is gebracht. De daartoe gebruikte term « wederrechtelijk » beoogt hier, zoals elders in het Wetboek van Strafrecht waar de wederrechtelijkheid in de strafbaarstelling zelf is verwoord, voor de aansprakelijkheid de eis te stellen dat de handeling waarop het bijwoord betrekking
aan geen rechtsregel – van nationale of internationale herkomst – enige titel kan ontlenen. Hieruit volgt dat de persoon aan wie wordt hulp verschaft, illegaal in Nederland of het Schengen-rechtsgebied moet (komen te) verblijven.
het uitsluitend recht heeft dit openbaar te maken en te verveelvoudigen, behoudens de beperkingen, bij de wet gesteld”. Naar het oordeel van de rechtbank is een verveelvoudiging iedere vastlegging van een werk of een gedeelte daarvan op een informatiedrager, de eerste vastlegging daaronder begrepen. Het opnemen van een inburgeringsexamen geldt derhalve als een verveelvoudiging in de zin van de Auteurswet, en ook het verwerken van deze beelden in lesmateriaal valt hieronder. [6]
klaar is goed, geen probleem”, vervolgd met: “
ik heb nu spreken zeg tegen hem over een uurtje”. Dit gesprek vindt plaats tijdens het examen “spreken” van [cursist 6] , een cursist van [verdachte 4] .
Pas op, want ze zijn overal met ons.” Tijdens de doorzoeking van de woning van [verdachte 1] is een tas met daarin het ‘examen device’ en andere opnameapparatuur aangetroffen.
6.Bewezenverklaring
bijlage IIvervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte:
7.De strafbaarheid van de feiten
8.De strafbaarheid van verdachte
9.Motivering van de straffen en maatregelen
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte 1], daarvoor strafbaar.
taakstrafvan
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.