Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf en maatregel
.Naast de door de deskundigen vastgestelde dysthymie acht de rechtbank een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens ook aannemelijk vanwege het excessief agressieve gedrag dat de verdachte – in een alledaagse situatie waarin dergelijk gedrag niet op enige wijze viel te voorzien – bij het plegen van de feiten 1 en 2 heeft vertoond.
9.Beslag
10.De vorderingen van de benadeelde partijen
namens[naam holding BV] en [de apotheek] BV schade vordert, maar de rechtbank begrijpt uit de onderbouwing van de vordering en de toelichting ter terechtzitting wel dat dit zo is bedoeld. De rechtbank gaat ervan uit dat [persoon 1] gerechtigd is om namens [naam holding BV] en [de apotheek] BV op te treden, omdat uit bijlagen van de vordering blijkt dat [persoon 1] 100% aandeelhouder van [naam holding BV] en 50% aandeelhouder van [de apotheek] BV is. De rechtbank gaat er gelet op het voorgaande vanuit dat er feitelijk sprake is van drie benadeelde partijen en aldus drie vorderingen.
- de aard en de ernst van het letsel dat de benadeelde partij ten gevolge van het bewezen verklaarde heeft opgelopen en op de omstandigheid dat in verband daarmee ziekenhuisopname en operatief ingrijpen noodzakelijk waren;
- de omstandigheid dat de benadeelde partij een langdurig en intensief revalidatietraject heeft moeten ondergaan;
- de omstandigheid dat de benadeelde partij langdurig en op diverse wijzen is beknot geweest in zijn bewegingsvrijheid en zelfstandigheid;
- de omstandigheid dat de benadeelde partij ten gevolge van het bewezen verklaarde ook thans nog blijvende beperkingen ondervindt.
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
5 (vijf) jaren.
ter beschikking wordt gestelden beveelt dat hij
van overheidswege wordt verpleegd.
gedeeltelijk toetot een bedrag van
€ 358.344,09 (driehonderdachtenvijftigduizend driehonderdvierenveertig euro en negen eurocent), bestaande uit € 258.344,09 (tweehonderdachtenvijftigduizend driehonderdvierenveertig euro en negen eurocent) aan vergoeding van materiële schade en € 100.000 (honderdduizend euro) aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade, te weten 1 juni 2022, tot aan de dag van de algehele voldoening.
€ 1.473.027,00 (één miljoen vierhonderddrieënzeventigduizend zeventwintig euro) niet-ontvankelijkin zijn vordering is.
€ 182,64 (honderdtweeëntachtig euro en vierenzestig eurocent),
af.
gedeeltelijk toetot een bedrag van
€ 44.738,11 (vierenveertigduizendzevenhonderdachtendertig euro en elf eurocent)aan vergoeding van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade, te weten 1 juni 2022, tot aan de dag van de algehele voldoening.
€ 50,00 (vijftig euro),
niet-ontvankelijkin zijn vordering is.
gedeeltelijk toetot een bedrag van
€ 1.549,52 (duizendvijfhonderdnegenenveertig euro en tweeënvijftig eurocent)aan vergoeding van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade, te weten 1 juni 2022, tot aan de dag van de algehele voldoening.
€ 180.067,28 (honderdtachtigduizendzevenenzestig euro en achtentwintig eurocent),
niet-ontvankelijkin zijn vordering is.
gedeeltelijk toetot een bedrag van
€ 284,24 (tweehonderdvierentachtig euro en vierentwintig eurocent)aan vergoeding van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade, te weten 1 juni 2022, tot aan de dag van de algehele voldoening.
€ 1.470,89 (duizendvierhonderdzeventig euro en negenentachtig eurocent),
niet-ontvankelijkin haar vordering is.
volledig toetot een bedrag van
€ 12.436,35 (twaalfduizendvierhonderdzesendertig euro en vijfendertig eurocent), bestaande uit € 7.936,35 (zevenduizendnegenhonderdzesendertig euro en vijfendertig eurocent) aan vergoeding van materiële schade en € 4.500,00 (vierduizendvijfhonderd euro) aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade, te weten 1 juni 2022, tot aan de dag van de algehele voldoening.