De rechtbank Amsterdam heeft verdachte veroordeeld wegens het telen van een grote hennepkwekerij, het bezit van henneptoppen en diefstal van elektriciteit. De hennepkwekerij was gevestigd in de door verdachte gehuurde woning, waar 3600 planten werden gekweekt over een periode van ruim drie jaar. Daarnaast werd vastgesteld dat verdachte ruim 274.000 kWh stroom had gestolen van een energieleverancier.
De verdachte beriep zich op zijn zwijgrecht en voerde onder meer aan dat het binnentreden en doorzoeken van zijn woning onrechtmatig was en dat het bewijs daarom uitgesloten moest worden. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat er een redelijk vermoeden van schuld was op basis van meldingen, geur van hennep en andere omstandigheden, en achtte het bewijs voldoende.
De rechtbank stelde vast dat verdachte de enige huurder en bewoner was, geen ontlastende verklaring gaf en dat de henneptoppen op het dak van de buren vanuit zijn woning waren neergelegd. Verdachte werd veroordeeld tot een taakstraf van 216 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaar. Tevens werd een strafkorting toegepast vanwege overschrijding van de redelijke termijn.