Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 november 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , te Amsterdam, eiseres
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 november 2022.
Rechtbank Amsterdam
Eiseres, eigenaar van een pand in Amsterdam dat wordt verhuurd als restaurant, kreeg een last onder dwangsom opgelegd omdat zij zonder omgevingsvergunning een afvoerpijp aan de buitenzijde van het pand had geplaatst. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, verklaarde het bezwaar ongegrond en handhaafde het besluit. De rechtbank oordeelt dat er geen vergunning is verleend voor de buitenzijde plaatsing, aangezien de bouwtekeningen uit 1963 de afvoerpijp binnen via het schoorsteenkanaal tonen.
Eiseres voerde aan dat zij vóór 2007 eigenaar was en geen reden had te vermoeden dat de afvoerpijp zonder vergunning was geplaatst, en dat er sprake was van concreet zicht op legalisatie. De rechtbank volgt dit niet, mede omdat eiseres het pand in 1955 verkreeg, de afvoerpijp na die datum is geplaatst en er geen concrete aanwijzingen ontbreken. De aanvraag voor legalisatie in 2022 speelt geen rol bij de beoordeling van het besluit uit 2022.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat geen ondubbelzinnige toezeggingen zijn gedaan dat de afvoerpijp conform vergunning mocht worden geplaatst. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel wordt verworpen, omdat andere panden zonder vergunning niet handhavend zijn aangepakt vanwege het ontbreken van klachten. Handhaving wordt niet als onevenredig beschouwd, mede gezien het belang van handhaving en de hoge architectonische waarde van het pand.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom voor het zonder vergunning plaatsen van een afvoerpijp wordt ongegrond verklaard.