Op 10 september 2022 heeft verdachte te Amsterdam met een kettingslot gezwaaid en hierbij aangever op diens arm geraakt. De rechtbank acht bewezen dat dit mishandeling betreft, maar spreekt verdachte vrij van poging zware mishandeling omdat het zwaaien niet gericht was op vitale delen van het lichaam. Daarnaast zijn twee bedreigingen jegens twee slachtoffers bewezen verklaard, waarbij verdachte dreigende woorden heeft geuit.
De verdediging voerde aan dat de verklaringen uiteenlopen en dat niet bewezen kan worden dat verdachte iemand met het kettingslot heeft geraakt. De rechtbank oordeelt echter dat de verklaringen, foto’s van letsel en de bekentenis van verdachte voldoende bewijs vormen. De mishandeling is bewezen, maar poging zware mishandeling niet.
De officier van justitie vorderde een ISD-maatregel van twee jaar. De rechtbank volgt dit, mede op basis van een rapport van het Leger des Heils en Justitiële Documentatie waaruit blijkt dat verdachte een stelselmatige veelpleger is. Verdachte verblijft onrechtmatig in Nederland en voldoet aan de criteria voor ISD. De maatregel wordt opgelegd voor twee jaar zonder aftrek van voorarrest.
De rechtbank wijst een eerdere vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke straf af, omdat de ISD-maatregel wordt opgelegd. De strafbaarheid van verdachte wordt bevestigd en de bewezen feiten zijn strafbaar volgens de wet. Het vonnis is gewezen door drie rechters en uitgesproken op 18 november 2022.