ECLI:NL:RBAMS:2022:2590
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond tegen niet-toekenning proceskosten in bezwaar door gemeente Amsterdam
Opposante heeft beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar van de gemeente Amsterdam, maar dit beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van proceskosten. De rechtbank had dit verzoek eerder kennelijk gegrond verklaard, waarna opposante verzet instelde tegen die uitspraak.
Tijdens de zitting op 12 mei 2022 was opposante vertegenwoordigd, verweerder verscheen niet. De rechtbank verklaarde het verzet gegrond en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten van €1.407,50 en wettelijke rente vanaf vier weken na de uitspraak tot volledige betaling.
De rechtbank motiveerde dat in de eerdere buiten-zittinguitspraak ten onrechte slechts €748,- aan proceskosten was toegekend en dat ook de kosten in bezwaar vergoed moesten worden. De rechtbank herstelt daarmee de procedure en doet nu uitspraak over het gehele geschil. Verweerder is niet verplicht het griffierecht te vergoeden, maar heeft zich daar vrijwillig toe bereid verklaard.
Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Amsterdam binnen zes weken na verzending van het proces-verbaal.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het verzet gegrond en veroordeelt de gemeente Amsterdam tot betaling van proceskosten van €1.407,50 en wettelijke rente.