Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Brăila court of law(Roemenië) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
criminal judgment no 886 of 14.05.2018 of the Braila Court, pronounced in the file no 10450/196/2016 and final on 11.07.2018 since no appeal entered (we confirm that the mandate is valid).
Code of the criminal procedureopgenomen:
The named [opgeëiste persoon] has the right to request the reopening of the criminal case.
tried in absentiaindien hij niet is gedagvaard en niet op een formele wijze van de zitting op de hoogte is gebracht. Echter, gelet de aanvullende informatie is de opgeëiste persoon in onderhavige zaak naar Roemeens recht op de juiste wijze opgeroepen. Daarom lijkt niet te zijn voldaan aan de eis van artikel 466 lid 2 van Pro het Roemeense Wetboek van Strafvordering, hetgeen aan een geslaagd beroep op artikel 466 lid 1 van Pro dit artikel in de weg staat. De rechtbank is daarom van oordeel dat – ongeacht de formulering in het EAB en de aanvullende informatie – geen sprake is van een onvoorwaardelijk recht op een verzetprocedure of een procedure in hoger beroep zoals bedoeld in artikel 12, sub d, OLW.
Brăila courtblijkt dat de opgeëiste persoon in Roemenië is gehoord tijdens het vooronderzoek waar hij de feiten zoals genoemd in het EAB onder e) heeft bekend. De opgeëiste persoon heeft dit bevestigd bij het verhoor door de Nederlandse officier van justitie in het kader van de inverzekeringstelling. Verder blijkt uit de brief van 21 februari 2022 van
Brăila courtdat de opgeëiste persoon tijdens zijn verhoor op 19 oktober 2015 op zijn rechten en plichten is gewezen en is geïnstrueerd dat hij de autoriteiten van elke adreswijzing op de hoogte moest brengen. Hij heeft geen daarbij geen (ander) adres opgegeven waarnaar de oproepingen verzonden zouden kunnen worden. De opgeëiste persoon heeft daarbij tijdens het verhoor met de Nederlandse officier van justitie verklaard dat hij sinds 2017 een adres heeft in Duitsland, maar dit niet heeft doorgegeven aan de Roemeense autoriteiten.
4.Strafbaarheid
5.Artikel 11 OLW Pro: detentieomstandigheden
the commissioner of Penitentiary police [persoon], General director of the National Administration of Penitentiariesvan 22 februari 2022. In deze brief is onder meer het volgende meegedeeld:
Considering your address, formulated in file no. 10450/196/2016, of
ln case the person deprived of liberty will be handed over to the Romanian
the possibility to walk unaccompanied in areas inside the place of detention on the routes established by the penitentiary administration;
the possibility to organize the free time available, under supervision, in compliance with the schedule established by the administration.
6.Slotsom
7.Toepasselijke wetsbepalingen
8.Beslissing
[opgeëiste persoon]aan
Brăila court of law(Roemenië) voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB.