Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechter
[eiseres] (in plaats van de abusievelijk gedagvaarde vennootschap [naam vennootschap] B.V.)
wonende te [woonplaats 1]
[gedaagde] , handelend onder de naam [handelsnaam]
wonende te [woonplaats 2]
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- de dagvaarding van 27 mei 2021, met producties;
- de akte wijziging eiseres;
- de conclusie van antwoord tevens houdende eis in reconventie, met producties;
- het instructievonnis van 29 juli 2021 waarbij een mondelinge behandeling is bepaald.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten in conventie en in reconventie
Geschil in conventie en in reconventie
- € 8.625,00 aan huurachterstand, te vermeerderen met € 1.725,00 per maand dat [gedaagde] het gebruik van het gehuurde heeft na 30 mei 2021 tot aan de dag van de ontruiming,
- de wettelijke (handels)rente over de huurachterstand,
- € 806,25 aan buitengerechtelijke incassokosten,
- € 3.300,00 aan contractuele boetes, te vermeerderen met € 300,- per maand dat [gedaagde] in gebreke blijft om na 30 mei 2021 tot aan de ontruiming de maandbedragen te voldoen,
- de proceskosten.
Hij vordert in reconventie, samengevat, [eiseres] te veroordelen tot het geven van de hiervoor genoemde huurkortingen en daarnaast vordert hij een verklaring voor recht dat hij de door [eiseres] gevorderde contractuele boetes, wettelijke rentes en buitengerechtelijke kosten niet verschuldigd is. Tot slot vordert hij proceskosten, met rente, en nakosten.
Beoordeling in conventie en in reconventie
Huurkorting
Voor de periode van maart tot juni 2020 en de periode vanaf maart 2021 geldt dat [gedaagde] , ook al heeft [eiseres] daarop aangedrongen, geen informatie heeft gegeven over ontvangen overheidsvoorzieningen. Hij heeft daarvoor geen goede reden gegeven. Daarom wordt hetgeen hiervoor is overwogen over de periode van juni 2020 tot en met maart 2021 geacht ook voor de andere periodes te gelden.
BESLISSING
in beide gevallen[gedaagde] tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [eiseres] , tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 1.214,81;
in beidegevallen in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 62,00 aan salaris gemachtigde, te verhogen met een bedrag van € 68,00 en de explootkosten indien betekening van het vonnis plaatsvindt, een en ander voor zover van toepassing inclusief btw;