Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer in de zaken tussen
[eiser] , te Amsterdam, eiser,
Rederij Amsterdam BV, te Amsterdam,
Rechtbank Amsterdam
De vergunninghouder exploiteert zeven passagiersvaartuigen aan meerdere steigers in Amsterdam. Verweerder heeft een omgevingsvergunning verleend voor het verruimen van de invaartijden, waarbij binnenvaren te allen tijde is toegestaan en uitvaren tussen 07:00 en 23:00 uur. Tevens zijn ligplaatsvergunningen verleend voor vier bedrijfsvaartuigen.
Eiser, woonachtig nabij de steigers, voerde aan dat de nachtelijke vaarbewegingen leiden tot onaanvaardbare geluidsoverlast en dat de ligplaatsvergunningen in strijd zijn met het bestemmingsplan en de nautische veiligheid. Hij betwistte de geldigheid van het akoestisch rapport en stelde dat de situatie gewijzigd is sinds het rapport.
De rechtbank oordeelde dat het akoestisch rapport als deskundigenadvies kan dienen en dat eiser onvoldoende objectief bewijs leverde om de conclusies te weerleggen. De gewijzigde situatie en de stellingen over afspraken over nachtelijk varen waren onvoldoende onderbouwd. Ten aanzien van de ligplaatsvergunningen stelde de rechtbank vast dat het bestemmingsplan al was afgeweken en dat de nautische veiligheidsaspecten niet tot bescherming van eisers persoonlijke belangen behoren. De beroepen zijn daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen van eiser tegen het verruimen van invaartijden en het verlenen van ligplaatsvergunningen worden ongegrond verklaard.