Op 15 november 2018 werd verdachte samen met anderen aangetroffen met een grote hoeveelheid professioneel vuurwerk opgeslagen in een loods in Vijfhuizen die niet geschikt was voor opslag van vuurwerk. Verdachte had beschikkingsmacht over het vuurwerk, waaronder ook vuurwerk in twee gehuurde bussen. De rechtbank sprak verdachte vrij van het ter beschikking stellen van vuurwerk aan anderen, maar achtte bewezen dat verdachte medepleegde in het voorhanden hebben en opslaan van het vuurwerk zonder vergunning.
De verdediging voerde aan dat niet kon worden bewezen dat verdachte het vuurwerk in de blauwe bus kende, maar de rechtbank oordeelde dat verdachte dit wel wist en dat hij een substantiële bijdrage leverde aan de opslag. De rechtbank volgde de verdediging deels door verdachte te ontslaan van het primair tenlastegelegde op grond van het eerste lid van artikel 1.2.2 Vuurwerkbesluit, omdat hij als particulier valt onder het derde lid, dat als specialis geldt.
De rechtbank achtte het handelen van verdachte ernstig vanwege de grote hoeveelheid vuurwerk, het ontbreken van gespecialiseerde kennis, en de gevaarlijke omstandigheden waaronder het vuurwerk werd opgeslagen, nabij woningen en een tankstation. Gezien de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de ernst van het feit legde de rechtbank een gevangenisstraf op van vijftien maanden, waarvan vijf voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Tevens werd een IPhone verbeurd verklaard die verband hield met de handel in vuurwerk.