Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het procesverloop
2.Inhoud van het bezwaarschrift
3.Standpunt van het Openbaar Ministerie
4.De beoordeling
5.Beslissing
ongegrond.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
Veroordeelde is op 16 september 2019 door de politierechter veroordeeld voor diefstal en kreeg een geldboete en een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd. Tegen het bevel tot DNA-afname en opname in de DNA-databank maakte hij bezwaar, stellende dat hij niet in herhaling zal vallen en dat de afname een onrechtmatige inbreuk op zijn privacy vormt.
De rechtbank heeft het bezwaarschrift ontvangen en de gemachtigde raadsman en de officier van justitie in raadkamer gehoord. Veroordeelde is niet verschenen. De rechtbank overweegt dat de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden voorschrijft dat bij iedere veroordeelde celmateriaal wordt afgenomen, tenzij uitzonderingen zich voordoen die strikt worden uitgelegd.
De rechtbank stelt vast dat de veroordeling onder de categorie misdrijven valt waarvoor DNA-afname verplicht is. De door veroordeelde aangevoerde uitzonderingen op grond van de aard van het misdrijf of bijzondere omstandigheden worden niet aanvaard, mede gezien zijn eerdere justitiecontacten. De rechtbank acht de inbreuk op de privacy gerechtvaardigd en wijst het bezwaar af.
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 13 maart 2020 en er is geen rechtsmiddel tegen mogelijk.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen DNA-afname en opname in de DNA-databank wordt ongegrond verklaard.