Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
€ 6.460.000,= vermeerderd met rente en kosten aan PGC voldaan, na een last daartoe van de rechtbank te Madrid.
3.Het geschil
4.De beoordeling
- griffierecht € 639,-
- advocaatkosten
Rechtbank Amsterdam
Propertize B.V. vordert dat PGC c.s. een bankgarantie accepteert die pas kan worden ingeroepen na een in kracht van gewijsde gegaan vonnis, en dat de conservatoire beslagen worden opgeheven. PGC c.s. verzet zich en stelt dat zij de garantie al kan aanwenden na een uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis, wat in Spanje van rechtswege geldt.
De procedure betreft een langlopend geschil over een joint venture en afkooptermijnen, met civiele en strafrechtelijke procedures in Spanje. Conservatoire beslagen zijn gelegd op bankrekeningen en aandelen van Propertize. Propertize stelt dat de voorgestelde bankgarantie voldoende zekerheid biedt en dat PGC c.s. haar recht heeft verwerkt door aanvankelijk akkoord te gaan.
De rechtbank oordeelt dat in Spanje vonnissen van rechtswege uitvoerbaar zijn, waardoor PGC c.s. binnen afzienbare tijd beslag kan leggen. Een bankgarantie die pas na kracht van gewijsde kan worden ingeroepen, biedt daardoor onvoldoende zekerheid. Ook de stelling dat Propertize schade lijdt door de beslagen wordt onvoldoende onderbouwd. De vorderingen van Propertize worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van Propertize af en veroordeelt haar in de proceskosten.