Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de Poolse nationaliteit heeft.
3.Grondslag en inhoud van het EAB
the Lublin-Zachód Provincial Court of Lublinvan 17 juni 2015, met zaaksnummer IX K 317/15.
President of the 9th Penal Division of District Court Lublin-Westin Lublin heeft bij brief van 12 april 2019 het volgende geantwoord:
- de opgeëiste persoon in persoon is gedagvaard of anderszins daadwerkelijk officieel in kennis is gesteld van datum en plaats van de behandeling ter terechtzitting (onderdeel a van artikel 12 OLW Pro), of dat
- de opgeëiste persoon een door hem gekozen of een hem van overheidswege toegewezen advocaat heeft gemachtigd zijn verdediging te voeren (onderdeel b van artikel 12 OLW Pro).
facultatieveweigeringsgrond en geeft in een dergelijk geval aan de uitvoerende rechterlijke autoriteit de bevoegdheid om de overlevering te weigeren, zij het dat zij kan afzien van uitoefening van die bevoegdheid, omdat zij immers rekening kan houden met omstandigheden aan de hand waarvan zij zich ervan kan vergewissen dat de overlevering van de opgeëiste persoon geen schending van zijn verdedigingsrechten betekent.
dwingendeweigeringsgrond. Als de opgeëiste persoon niet in persoon is verschenen bij de behandeling ter terechtzitting die tot de betrokken beslissing heeft geleid en als zich ten aanzien van die beslissing geen van de omstandigheden als bedoeld in de onderdelen a tot en met d van artikel 12 OLW Pro voordoet, dan moet de rechtbank de overlevering weigeren.
4.Slotsom
5.Beslissing
[opgeëiste persoon]aan
the District Court of Lublin(Polen) ten behoeve van de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf, te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat, Polen, wegens het feit waarvoor zijn overlevering wordt verzocht.