ECLI:NL:RBAMS:2018:7179
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wijziging kinderalimentatie wegens onvoldoende financiële inzicht
De man heeft een verzoek ingediend tot wijziging van de kinderalimentatie voor zijn minderjarige kind, waarbij hij een verlaging van de bijdrage van €500 naar €25 per maand vordert. Hij stelt dat zijn draagkracht beperkt is door alimentatieverplichtingen voor andere kinderen en een achterstand in belastingbetalingen. De vrouw verzet zich tegen het verzoek en betwist het spoedeisend belang en de draagkracht van de man.
De rechtbank overweegt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden toegewezen indien er sprake is van een dringend belang dat niet kan worden afgewacht tot de bodemprocedure is afgerond. De man heeft onvoldoende financiële gegevens overgelegd om zijn huidige draagkracht te kunnen beoordelen. Hierdoor kan de rechtbank niet vaststellen dat het belang van de man zo dringend is dat de hoofdzaak niet kan worden afgewacht.
Verder oordeelt de rechtbank dat partijen elk hun eigen proceskosten dragen. Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen en de man blijft gehouden aan de bestaande alimentatieverplichting tot de uitspraak in de bodemprocedure.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige verlaging van de kinderalimentatie wordt afgewezen wegens onvoldoende inzicht in de financiële situatie van de man.