Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 juli 2014 in de zaak tussen
[naam],
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,
Procesverloop
Overwegingen
- Onder 1.8 van de FML (overige beperkingen in het persoonlijk functioneren) staat de toelichting dat eiser wekelijks een pseudo-epileptisch insult heeft dat enkele minuten tot uren kan duren. De bezwaarverzekeringsarts gaat daarbij uitsluitend uit van een lichte aanval, terwijl de psychiater heeft gerapporteerd dat eiser na een zware aanval daarvan nog dagen last ondervindt die hem beperkingen opleveren. De beperkingen uit items 1.9.4 en 1.9.6 van de FML (het aangewezen zijn op werk waarbij hij niet wordt afgeleid door de activiteiten van anderen en waarbij hij niet veelvuldig wordt gestoord en onderbroken) kan dan ook niet de lading dekken van de beperkingen die eiser ondervindt ten gevolge van een zwaardere aanval. Evenmin zien deze beperkingen op de angst die hij voortdurend heeft voor een nieuwe aanval en de daaruit voortvloeiende invaliderende persoonlijkheidstrekken.
- Bij item 1.9.9. (werk zonder verhoogd risico) heeft de bezwaarverzekeringsarts buiten beschouwing gelaten dat eiser, teneinde te kunnen werken, adequate begeleiding nodig heeft.
- Item 2.9. (samenwerken) gaat voorbij aan hetgeen psychiater Weeda heeft gezegd over het niet passend zijn van een werkomgeving met anderen. Een sterke beperking was daar op zijn plaats geweest. Bij dit onderdeel heeft de bezwaarverzekeringsarts volledig buiten beschouwing gelaten dat eiser de veiligheid van anderen in gevaar brengt/kan brengen.
- Bij de beperking voor vervoer (item 2.10) ontbreekt de beperkende invloed van angst die eiser in openbare ruimtes ervaart.
- Bij item 2.11 (overige beperkingen in het sociaal functioneren) is uitsluitend opgenomen dat eiser overmatig kritiekgevoelig is bij hiërarchische bevelen en veel opdrachten. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt hierbij dat het volgen van een (interne) opleiding hierdoor eveneens een beperking is. Tevens had de veiligheid van anderen hier moeten worden meegewogen, in die zin dat voor eiser als beperking geldt dat hij een gevaar voor anderen kan opleveren. Eveneens geldt hier als beperking dat eiser niet op de werkvloer kan functioneren zonder dat zijn collega’s vooraf geïnstrueerd zijn over de risico’s die dit met zich meebrengt.
- Bij item 2.12.4 ontbreekt de beperking dat eiser geen leidinggevende functie kan vervullen.
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 juli 2014.