ECLI:NL:RBAMS:2009:BI7460
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling feitelijk werkgeverschap en matiging boete wegens illegale tewerkstelling krantenbezorger
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal of eiser, een distributiebedrijf, als feitelijk werkgever kan worden aangemerkt van een vreemdeling die als krantenbezorger werkzaam was zonder tewerkstellingsvergunning. De rechtbank stelt vast dat hoewel eiser niet formeel werkgever was, de bezorging van kranten tot de kernactiviteiten van zijn bedrijf behoort. Omdat eiser de bezorgwerkzaamheden heeft uitbesteed maar feitelijk de arbeid heeft laten verrichten, kwalificeert hij als feitelijk werkgever in de zin van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
De rechtbank weegt de wetsgeschiedenis en jurisprudentie en concludeert dat feitelijk werkgeverschap ook geldt wanneer werkzaamheden buiten het bedrijf worden verricht, mits deze tot de kernactiviteiten behoren. Eiser heeft onvoldoende maatregelen getroffen om illegale tewerkstelling te voorkomen, met name door het ontbreken van controle op vervangers. Wel heeft hij diverse instructies en middelen verstrekt, wat leidt tot een beperkte mate van verwijtbaarheid.
De opgelegde bestuurlijke boete van €8.000 wordt daarom gehalveerd tot €4.000 om de afschrikkende werking te behouden. Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Daarnaast worden de proceskosten en griffierecht aan eiser toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en matigt de boete tot €4.000,- wegens beperkte verwijtbaarheid.