ECLI:NL:RBAMS:2009:BI0034
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens niet-melding van transacties in aandelen VHS volgens oude Wet toezicht effectenverkeer
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte wegens het niet voldoen aan de meldingsplicht van transacties in aandelen VHS aan de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) en later de Autoriteit Financiële Markten (AFM), zoals voorgeschreven in artikel 46b van de oude Wet toezicht effectenverkeer 1995 (Wte 1995). Verdachte werd tevens verdacht van handel met voorwetenschap en marktmanipulatie, maar werd daarvan vrijgesproken.
De feiten betroffen transacties in de periode van 16 februari 2001 tot en met 1 oktober 2007, waarbij verdachte samen met medeverdachte, bestuursvoorzitter van VHS, aandelen verhandelde zonder deze onverwijld te melden. Verdachte had via zijn moeder en aan hem gelieerde vennootschappen aandelen laten kopen en verkopen, waarbij de meldingsplicht niet werd nageleefd. De rechtbank stelde vast dat verdachte de transacties heeft bewerkstelligd en dat de uitzondering voor 'bediening van derden' niet van toepassing was.
De verdediging voerde onder meer aan dat de dagvaarding nietig was wegens onduidelijkheid, dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk moest worden verklaard wegens verjaring, en dat verdachte niet medeplichtig was. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat de tenlastelegging voldoende concreet was en dat de verjaring was gestuit door een gerechtelijk vooronderzoek.
De rechtbank sprak verdachte vrij van handel met voorwetenschap en marktmanipulatie, mede op basis van het Cardio Control arrest van de Hoge Raad, dat stelt dat eigen wetenschap niet strafbaar is. De rechtbank veroordeelde verdachte tot een geldboete van €35.000 wegens het niet melden van transacties, conform artikel 46b Wte 1995 (oud).
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €35.000 wegens het niet onverwijld melden van transacties in aandelen VHS.