ECLI:NL:RBAMS:2007:BD3825
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming overlevering verdachte drugs- en witwasdelicten aan Verenigd Koninkrijk
De rechtbank Amsterdam behandelde een vordering tot overlevering van een verdachte aan het Verenigd Koninkrijk op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de District Judge van Leeds Magistrates’ Court. De verdachte wordt verdacht van illegale handel in verdovende middelen en poging tot schuldwitwassen.
De verdachte voerde verweren aan tegen de overlevering, waaronder een beroep op artikel 6 EVRM Pro wegens procesvertraging en betwisting van de betrokkenheid bij de feiten. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat het EAB voldeed aan de wettelijke eisen en dat de feiten ook naar Nederlands recht strafbaar zijn. Tevens werd geoordeeld dat de garantie van het Verenigd Koninkrijk omtrent strafuitvoering in Nederland voldoende is.
De rechtbank concludeerde dat de overlevering niet leidt tot een flagrante schending van fundamentele rechten en dat de weigeringgronden uit de Overleveringswet niet van toepassing zijn. De overlevering wordt daarom toegestaan, waarbij geen gewoon rechtsmiddel openstaat tegen deze uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de verdachte aan het Verenigd Koninkrijk toe.