ECLI:NL:RBAMS:2006:AY5344
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vergunningverlening voor evenementen tijdens Gay Pride Amsterdam en beleidsvrijheid van gemeente
Stichting Gay Business Amsterdam, die de afgelopen negen jaar de Gay Pride Amsterdam organiseerde, stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar en tegen de vergunningverlening aan Pro Gay voor een evenement op het Rembrandtplein. De gemeente Amsterdam verleende aan eiseres vergunningen voor traditionele locaties, maar wees haar aanvragen voor het Rembrandtplein, Thorbeckeplein en Bakkerstraat af en verleende een vergunning aan Pro Gay voor het Rembrandtplein.
De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk was omdat het besluit op bezwaar inmiddels was genomen. De rechtbank toetste vervolgens het besluit op de vergunningverlening inhoudelijk. Zij concludeerde dat de APV geen exclusief recht aan eiseres verleent voor het gehele evenement en dat het Rembrandtplein een nieuw terrein is dat niet eerder aan eiseres was vergund. De vergunningverlening aan Pro Gay was niet onredelijk, mede omdat er geen weigeringsgronden waren en de belangenafweging binnen de beleidsvrijheid van de gemeente viel.
Eiseres stelde dat het verlenen van de vergunning aan Pro Gay in strijd was met het vertrouwensbeginsel en dat sprake was van détournement de pouvoir, maar de rechtbank vond hiervoor geen voldoende grond. De rechtbank wees ook het verzoek tot schadevergoeding af en gaf de gemeente het advies om duidelijkere beleidsregels te formuleren voor de afweging bij concurrerende aanvragen. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van Stichting Gay Business Amsterdam tegen de vergunningverlening aan Pro Gay werd ongegrond verklaard en de beleidsvrijheid van de gemeente bevestigd.