ECLI:NL:PHR:2021:366
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt strafbaarheid mensensmokkel naar Groot-Brittannië na Brexit
De verdachte werd door het gerechtshof Den Haag veroordeeld tot achttien maanden gevangenisstraf wegens mensensmokkel en behulpzaamheid bij het verschaffen van verblijf aan personen met Vietnamese of Irakese nationaliteit. Het strafbare feit betrof het faciliteren van doorreis en verblijf in Nederland en toegang tot Groot-Brittannië, waaronder het vervoeren van personen in een busje en het aanschaffen van ferrytickets.
Het cassatiemiddel stelde dat de bewezenverklaring onvoldoende gemotiveerd was omdat Groot-Brittannië sinds 1 januari 2021 geen EU-lidstaat meer is, waardoor strafbaarheid zou ontbreken. De Hoge Raad oordeelde dat het hof in 2020 geen rekening hoefde te houden met wetswijzigingen na die datum en dat het VK reeds op 31 januari 2020 de EU had verlaten.
De Hoge Raad benadrukte dat het strafbare feit ook na het vertrek van het VK uit de EU strafbaar blijft omdat het VK is toegetreden tot het Protocol tegen de smokkel van migranten, zoals genoemd in art. 197a Sr. Er was geen sprake van een wijziging in het inzicht van de wetgever omtrent de strafwaardigheid van het feit. Het cassatiemiddel faalde en werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de strafbaarheid van mensensmokkel naar Groot-Brittannië blijft gehandhaafd na Brexit.