Conclusie
2.Bespreking van het cassatiemiddel
onderdeel 1. Het onderdeel houdt in dat het hof zou hebben miskend dat iedere met gezag belaste ouder op grond van art. 1:253a BW een recht op informatie toekomt. Met die klacht wordt kennelijk bedoeld dat het hof de door de man verzochte zorg- en informatieregeling niet had mogen afwijzen, omdat hiermee een inbreuk wordt gemaakt op het belang van de man bij toegang tot en omgang met de minderjarigen. Uit de hierboven genoemde rechtspraak blijkt echter dat het belang van het kind onder omstandigheden zwaarder kan wegen dan andere betrokken belangen. In dit geval heeft het hof, onder verwijzing naar het rapport van de raad voor de kinderbescherming van 26 juni 2017, geoordeeld dat de gevraagde zorg- en informatieregeling niet in het belang van de kinderen is. Daarin ligt besloten dat dit belang volgens het hof zwaarder weegt dan de overige betrokken belangen. Het hof heeft de in het kader van art. 1:253a BW te hanteren maatstaf dus niet miskend, zodat het onderdeel vergeefs is voorgesteld.