Conclusie
eerste middelbehelst de klacht dat het hof het verweer, inhoudende dat door de aanhouding, het ophouden voor verhoor en de strafrechtelijke vervolging van de verdachte zijn recht op vrijheid van meningsuiting, alsmede zijn recht op vrijheid van vergadering en vereniging zijn geschonden, onbegrijpelijk, althans onvoldoende gemotiveerd heeft verworpen.
Feit 1:
Vaststaande feiten
Overwegingen met betrekking tot de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
Bespreking van de verweren
Oplegging van straf en/of maatregel
Door het hof gebezigde bewijsmiddelen
Açik and otherstegen Turkije [12] , waarin studenten van de Universiteit van Istanbul klaagden over hun aanhouding bij de openingsceremonie van het academische jaar en de daaropvolgende detentie in een politiecel, en
Taranenkotegen Rusland, waarin een voorwaardelijke gevangenisstraf werd opgelegd voor een protestactie op een niet-openbare plaats (in het
President’s Administration Building). [13]
tweede middelbehelst de klacht dat het hof het verweer, inhoudende dat de griffier niet de bevoegde ambtenaar is zoals bedoeld in art. 139 Sr Pro, op onjuiste gronden, althans ontoereikend gemotiveerd, heeft verworpen.
Bespreking van de verweren
derde middelbehelst de klacht dat het hof onbegrijpelijk, althans onvoldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat de strekking van de vordering als bedoeld in art. 139, eerste lid, Sr voor de verdachte voldoende duidelijk moet zijn geweest.
Vrijspraak feit 2 (vi, inzake [verdachte] ): verzoeken niet verstaan
Standpunt raadsman