ECLI:NL:PHR:2017:243
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewezenverklaring voorbedachte raad bij moord in Den Bosch
De verdachte werd door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld tot twintig jaar gevangenisstraf wegens moord op het slachtoffer op 10 september 2013. Het hof stelde vast dat de verdachte met voorbedachte raad handelde, waarbij hij zich vooraf bewapende en anderhalf uur nabij de woning van het slachtoffer wachtte voordat hij toesloeg.
De verdediging voerde aan dat sprake was van een ogenblikkelijke gemoedsopwelling en dat onvoldoende bewijs bestond voor voorbedachte raad. De verdachte verklaarde in hoger beroep dat hij het slachtoffer wilde opzoeken om verontschuldigingen aan te bieden en dat hij zich niets van het geweld kon herinneren. Het hof verwierp deze verklaring vanwege tegenstrijdigheden, ongeloofwaardigheid en het feit dat de verdachte eerder had gelogen.
Het hof baseerde zijn oordeel op een opeenstapeling van feiten, waaronder de bedreigingen die de verdachte eerder had geuit, de aanschaf van wapens, het planmatige gedrag en het ontbreken van contra-indicaties. De Hoge Raad concludeert dat het hof voldoende en juiste motivering heeft gegeven voor de bewezenverklaring van voorbedachte raad en wijst het cassatieberoep af.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor moord met voorbedachte raad blijft in stand.